De corporatiesector

De laatste jaren is het de trend om met uitvoerende partijen afspraken te maken op welk onderhoudsniveau het gebouw behouden moet blijven ( = prestatiecontract). En op grond van een door het uitvoerend Bedrijfspand huren in Breda bedrijf op te stellen plan van onderhoudsactiviteiten wordt een vast bedrag in rekening gebracht. Het risico van het uitgevoerde werk met betrekking tot prijs en kwaliteit komt dan te liggen bij het uitvoerende bedrijfspand huren Enschede bedrijf. De corporatiesector is een belangrijke opdrachtgever voor onderhoudswerkzaamheden. De jaarlijkse omzet in onderhoud bedraagt ruim 2.3 miljard euro (bron: CBS). Dit bedrag wordt voor een klein deel in eigen beheer besteed, maar voor het overgrote 325 9.4 VASTGOEDMANAGEMENT deel uitbesteed aan professionele opdrachtgevers in de bouw. De verzelfstandiging van de corporatiesector heeft bedrijfsruimte huren Almere tot gevolg dat aandacht van corporaties verschuift van het technisch beheer naar maatschappelijk ondernemerschap met primair aandacht voor de markt. Deze verschuiving van aandacht heeft gevolgen voor het denken over technisch beheer. In dit denken neemt de aandacht voor prestatiecontracten een groeiende plaats in. Bij een steekproef door Aedes ter gelegenheid van een seminar over bedrijfspand huren in nijmegen prestatiecontracten in april 1 999, verklaarde slechts 3% prestatiecontracten te zien als een (modieuze) trend. Het merendeel, 91%, ziet het als een serieuze ontwikkeling (zie Straub, Vijverberg en Philipsen, Onderhoudsbeleid woningcorporaties: strategisch voorraadbeleid, stuurinstrumenten en onderhoudscontracten, 2000, p. 51). De essentie van prestatiecontracten is dat niet meer wordt gekeken naar het eindresultaat (maximale kwaliteit) na uitvoering van werkzaamheden, maar dat de minimaal te leveren prestatie tijdens de looptijd van het contract centraal staat. Het staat de opdrachtnemer hierbij vrij te bepalen hoe hij daaraan voldoet. Dit kan met betrekking tot het schilderwerk bijvoorbeeld door aan het begin van de contractperiode een extra zwaar systeem op te brengen dat per jaar slechts weinig in kwaliteit afneemt, zodat aan het eind van de contractperiode nog steeds voldaan wordt aan de prestatie-eis. Of, in hetzelfde voorbeeld, door sneller degraderende producten toe te passen, zodat meerdere bewerkingen tijdens de contractperiode nodig zijn. De opdrachtgever kan in zijn leveringsvoorwaarden opnemen over hoe vaak bijvoorbeeld per jaar onderhoud mag worden uitgevoerd om de overlast bij de bewoner te voorkomen (zie Straub, Vijverberg en Philipsen, Onderhoudsbeleid woningcorporaties: strategisch voorraadbeleid, stuurinstrumenten en onderhoudscontracten, 2000, p. 52). De belangrijkste verschillen tussen het traditionele contract en het prestatiecontract zijn in onderstaande tabel weergegeven.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *