Tagarchief: Kantoor huren Breda

Een manager is niet bang voor verandering

Een manager is niet bang voor verandering

 

De manager die gericht is op het vergroten van de bedrijfsruimte te huur in enschede opbrengst weet dat hij de omgeving van het bedrijf voortdurend in de gaten moet houden. Zo blijft hij op het spoor van de behoeften van de Kantoor huren Breda markt. Veranderende behoeften uit de markt vragen om maatwerkoplossingen. De functie van de onderneming is gefocust op het ontwikkelen van nieuwe, waardevolle activiteiten en het afstoten van niet-renderende activiteiten. Wordt de ondernemingsfunctie door de manager slecht ingevuld, dan mislukken herstructureringen en stokt de groei via innovatie. Uiteindelijk zien we deze ondernemingen wegkwijnen via de weg van kostenverlaging, met als gevolg de demotivatie van medewerkers. Ook zien we vaak een vlucht naar voren in de vorm van fusies en overnames, en dure productievernieuwingen vanuit de organisatie die nauwelijks aanslaan bij de afnemers. Op dit moment staat de wereld van het management los van de echte wereld. Goed management is essentieel (zie ook hoofdstuk 2.5). In het streven naar beter zal de vastgoedorganisatie van de ene trede naar de kantoorruimte huren in almere stad andere trede bewegen op de ladder van het beleidsrepertoire (zie figuur 2-1 ). Aangekomen op de nieuwe trede krijgen de medewerkers van de kantoorruimte huren in Nijmegen vastgoedorganisatie een nieuw uitzicht op haar werkveld. Het bekijken van een bekend werkveld vanuit een ander standpunt levert nieuwe inzichten op met een bijbehorende beleidskeuze. Om de nieuwe beleidskeuze waar te kunnen maken zal de vastgoedorganisatie daarop gevormd moeten worden: richten en inrichten. In de fase hierna gaat het om volharding. Door gericht te sturen om de toegevoegde waarde van de organisatie te vergroten. Door te innoveren op basis van reflectie. Maar de kosten gaan voor de baat uit. De organisatie groeit in haar mogelijkheden door eerst in zichzelf te investeren. Medewerkers zullen een andere manier van kijken echter niet direct goed doorvoeren naar de klant. Een andere manier van werken betekent andere modellen en procedures die aan de hand van praktijkervaring moeten worden bijgesteld. Bijstelling van modellen en procedures – omdat het in de praktijk anders werkt dan vooraf bedacht – en de iteratieve verbetering van werkzaamheden leiden tot een aanvangsverlies. Men opereert nog niet effectief (de klant wordt niet direct goed geholpen) en inefficiënt, omdat handelingen soms opnieuw moeten worden uitgevoerd. In het begin resulteert dit in een terugval van de klanttevredenheid, die zo snel mogelijk moet worden gekeerd naar een klanttevredenheid die uiteindelijk hoger is dan bij aanvang van het verbeteringstraject. De omslag van interne naar externe focus is essentieel. Gebeurt dat laatste niet, dan dringt zich de vraag op of men wel op het juiste spoor zit. Blijft de klantwaardering achter, dan kunnen spanningen ontstaan tussen de front office en back office, inclusief het management. Er ligt dan een terugval op de loer, tenzij het management leiderschap toont (zie hoofdstuk 2.4). Een hogere klanttevredenheid is nodig om de opbrengsten – de winst – van het vastgoedbedrijf veilig te stellen voor de toekomst, dan wel op een hoger niveau te trekken

Baatbelasting

Baatbelasting

Baatbelasting Met de  Kantoor huren Breda opbrengsten uit baatbelasting kan een gemeente de kosten van de aanleg van openbare voorzieningen verhalen op eigenaren van onroerende zaken die direct ‘baat’ hebben bij de aanleg van deze voorzieningen. Alternatieve fmancieringsmogelijkheden voor de aanleg hiervan zijn de algemene middelen, retributies (bouwleges, parkeergeld, rioolrecht, e.d.), of een privaatrechtelijke overeenkomst tussen de gemeente en de  bedrijfsruimte huren in Enschede eigenaren (bijvoorbeeld een exploitatieovereenkomst). Voor nieuwbouwgebieden worden de kosten meestal verwerkt in de gronduitgifteprijzen. Voorbeelden van openbare voorzieningen die door het heffen van baatbelasting kunnen worden gefinancierd, zijn de aanleg of verbetering van: • weginfrastructuur • straatmeubilair • straatverlichting • riolering • parkeervoorzieningen • groenvoorzieningen • centrumvoorzieningen Evenals de OZB is het wettelijk kader van de baatbelasting gegeven in de  in Almere kun je goedkoop een kantoor huren Gemeentewet. Het heffen van baatbelasting is gebonden aan een aantal regels. Eén van de belangrijkste is dat er aantoonbaar en objectief sprake is van profijt (‘baat’) bij de belastingplichtige. Dit hoeft overigens niet altijd te resulteren in een waardestijging van het object. Er is al sprake van baat, indien de mogelijkheid van profijt is ontstaan: als bijvoorbeeld een riool wordt aangelegd, ontstaat de baat bij de mogelijkheid dat een bepaald object op het riool kan worden aangesloten. Een feitelijke aansluiting is dus niet van belang. Ieder object dat baat heeft van de  bedrijfsruimte te huur in Nijmegen aan te leggen voorzieningen, moet in de heffing worden betrokken. Indien kan worden aangetoond dat enkele onroerende zaken wel baat hebben, maar geen baatbelasting hoeven te betalen, kan de betreffende baatbelasting voor alle betrokkenen komen te vervallen. Vooral bij de aanleg van bovenwijkse voorzieningen leidt dit vaak tot praktische (en politieke) problemen.

De discontovoet

De discontovoet


Als men de hindernis van het kantoor huren breda  zo accuraat mogelijk voorspellen van toekomstige cashflows genomen heeft, resteert voor het berekenen van de netto contante waarde nog één cruciale beslissing: de te hanteren discontovoet. Deze discontovoet is een maat voor de beloning die de investeerder minimaal wil hebben voor uitgestelde inkomsten. Om de hoogte van de bedrijfsruimte te huur in Enschede   discontovoet te bepalen, worden in de praktijk een aantal verschillende methodes gebruikt. Soms wordt direct aansluiting gezocht bij de rente die wordt betaald voor het aantrekken van vreemd vermogen.

COMMERCIEEL VASTGOED
Complexer is de methode waarbij men uitgaat van de gemiddelde kosten van eigen en vreemd vermogen (de gewogen gemiddelde vermogenskostenvoet) van de huidige onderneming. Geen van deze methodes is, in theoretisch opzicht althans, correct. Stel, er kan worden geïnvesteerd in een  kantoor pand huren in Nijmegen  staatslening. De periodiek te ontvangen rente en aflossingen liggen vast, de staat gaat nooit failliet, waardoor er sprake is van een vrijwel risicoloze investering. Een alternatief is een investering in een lening aan een startend ‘dotcom’-bedrijf, dat in zijn korte leven alleen nog maar verlies heeft geleden: een risicovolle investering. Het is evident dat beide alternatieven alleen als gelijkwaardig worden beschouwd als de rente op de lening aan het internetbedrijf substantieel hoger ligt dan die op de staatslening. Uit het voorgaande volgt dat de beloning voor uitgestelde ontvangsten afhankelijk is van het risico dat men loopt bij het daadwerkelijk realiseren van de voorspelde netto-ontvangsten. Hoe hoger het risico, hoe hoger de beloning. De bedrijfsruimte huren Almere    basisregel voor het vaststellen van de discontovoet is dan ook dat deze afhankelijk is van het projectspecifieke risico. Dit komt slechts bij uitzondering overeen met het risico van een reeds bestaande onderneming, waardoor de discontovoeten die voor deze onderneming gehanteerd worden, c.q. rente op eigen en vreemd vermogen, niet zonder meer gehanteerd kunnen worden. Een en ander is helaas maar moeizaam te operationaliseren. Hoe bepalen we het projectspecifieke risico? Een praktische oplossing is uit te gaan van een basisrente voor investeringen met een verminderd risico en een (subjectieve) projectspecifieke opslag voor het risico dat geprojecteerde toekomstige inkomsten niet worden behaald.

Aanbesteding en uitbestedeing

Als de aan te besteden opdracht is opgenomen in een enuntiatieve vooraankondiging (vooraankondiging) kan de termijn voor inschrijving worden verkort tot 22 dagen bij een openbare aanbesteding en 26 dagen bij een  kantoor huren breda  niet-openbare aanbesteding. Van deze mogelijkheid wordt bij de ontwikkeling van vastgoed echter zelden of nooit gebruik gemaakt. Een niet-openbare procedure duurt dus minimaal 37 + 40 = 77 kalenderdagen. Zelfs bij een inhoudelijk eenvoudige aanbesteding zullen, naast het opstellen van de aankondiging en de selectieleidraden, vaak tientallen dagen gemoeid zijn met het beoordelen van de gegadigden en inschrijvingen. Voor de complexere opdrachten, waarbij in het belang van de opdrachtgever en de opdrachtnemer veel tijd wordt besteed aan de aanmelding, inschrijving en beoordelingen, duurt een aanbestedingsprocedure vaak meer dan zes maanden.
De verkorte procedure kan alleen gevolgd worden, indien het om dringende redenen, die niet te wijten zijn aan de aanbestedende dienst zelf, onmogelijk is de termijnen van de normale procedure aan te houden. Selectie- en uitsluitingscriteria Om een aanbestedende dienst in de gelegenheid te stellen de kwaliteit van de aanbiedende partij te toetsen, is in elk van de aanbestedingsrichtlijnen een hoofdstuk gewijd aan de “criteria voor de kwalitatieve selectie” (uit- sluitingsgronden en geschiktheidseisen). Deze hebben betrekking op de “persoon” van de onderneming zelf en niet op de aanbieding van de onderneming. De selectiecriteria moeten vooraf bekendgemaakt worden en kunnen niet ongestraft worden aangevuld of gewijzigd. De aanbestedende diensten zijn gehouden gebruik te maken van het “gesloten stelsel” van criteria voor de kwalitatieve selectie, dat is opgenomen in de algemene aanbestedingsrichtlijnen. Ze mogen geen aanvullende criteria stellen.
Bij de openbare procedure worden de criteria gebruikt om te beoordelen of de aanbieder aan wie de aanbestedende dienst de opdracht wenst te gunnen, geschikt is om deze opdracht uit te voeren.
Bij de niet-openbare procedure en de procedure van gunning via onder- handelingen dienen de criteria voor de kwalitatieve selectie om tijdens de selectiefase te bepalen welke gegadigden in aanmerking komen voor een uitnodiging tot inschrijving. Een aanbestedende dienst kan daarbij een minimum- en een maximumaantal uit bedrijfspand huren Enschede   te nodigen deelnemers aangeven. Het minimumaantal is vijf (drie bij onderhandelingsprocedure), het maximumaantal kan volgens de richtlijnen vastgesteld worden op twintig. Indien het aantal geschikte gegadigden groter is dan het maximum dat in

COMMERCIEEL VASTGOED
de aankondiging is aangegeven, dient de aanbestedende dienst dit door een vooraf bepaalde en kenbaar gemaakte selectiemethode terug te brengen tot het genoemde maximum. Daarbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan de loting die in het UAR-EG 1991 genoemd wordt of aan een andere objectieve methode. De kantoorruimte huren Almere  keuze voor een methode hangt onder meer samen met de wijze waarop de criteria voor de kwalitatieve selectie zijn geformuleerd. Als er sprake is van minimumeisen, kan de aanbestedende dienst het aantal gegadigden dat hieraan voldoet, in principe alleen beperken door het uitvoeren van een loting. Indien de meest geschikte gegadigde moet worden gekwalificeerd, dienen de criteria zodanig te zijn geformuleerd, dat daarmee een volgorde van geschiktheid kan worden bepaald. Dan kan gebruikgemaakt worden van een wegingssysteem. Gunningscriteria In de gunningsfase worden de ingediende aanbiedingen getoetst aan de gunningscriteria die in de aankondiging staan aangegeven. Daarna zal in beginsel vast moeten staan aan wie de opdracht kan worden gegund. Gunningscriteria hebben uitsluitend betrekking op de kwaliteit van de aanbieding. De algemene aanbestedingsrichtlijnen kennen de volgende twee criteria: • Laagste prijs. Hierbij zijn uitsluitend de ingediende prijzen van belang. Dit criterium wordt vooral gebruikt bij minder complexe en duidelijk gedefinieerde opdrachten. De inspanningen van de aanbieder (het doen van de aanbieding) en van de aanbestedende dienst (voorbereiding en beoordeling van de aanbieding) zijn beperkt. Bij gelijkwaardige aanbiedingen kan loting de beslissing brengen. • Economisch voordeligste aanbieding. Hiervoor worden meerdere criteria gebruikt. In de algemene aanbestedingsrichtlijnen staan criteria die hiervoor als uitgangspunt kunnen dienen (bijvoorbeeld prijs, kwaliteit of leveringstermijn). Alleen als er gebruikgemaakt wordt van het gunningscriterium “economisch voordeligste aanbieding’’, kunnen varianten in de beoordeling worden betrokken. Indien de aanbestedende dienst geen nadere criteria geeft ter invulling van de economisch meest voordelige aanbieding, is hij gehouden het gunningscriterium “laagste prijs” te hanteren. Het is niet toegestaan gunningscriteria te wijzigen nadat de aanbestedingsprocedure eenmaal gestart is. Bij het beoordelen van de economisch voordeligste aanbieding behoudt de aanbestedende dienst in principe een beoordelingsvrijheid, omdat hij een zekere vrijheid heeft om zelf te bepalen welk belang aan bepaalde zaken

BOUW- EN AANBESTEDINGSRECHT

uit de offerte wordt gehecht. Deze beoordeling dient echter wel zo objectief mogelijk en aan de hand van de (van tevoren vastgestelde) nadere criteria plaats te vinden. Punten die van doorslaggevend belang kunnen zijn, moeten vooraf bij de inschrijvers bekend zijn. Indien er geen rangorde wordt aangegeven voor de bedrijfsruimte huren Nijmegen  criteria, kunnen aanbieders ervan uitgaan dat deze gelijkwaardig beoordeeld zullen worden

De gebruiker

De gebruiker


Inleiding In dit hoofdstuk wordt de gebruiker als partij in het planvormingsproces belicht. De gebruiker kan zowel eigenaar zijn als huurder. Als er gesproken wordt van ‘de ontwikkeling van vastgoed’, zal de gebruiker veelal huurder zijn. De gebruiker wordt, hoewel hij voor de ontwikkelaar van vastgoed maar één huurder is in een lange rij, een steeds belangrijker partij in het vastgoedontwikkelingsproces. De gebruiker is namelijk de klant, die het  bedrijfspand te huur in Enschede zo lang en zo goed mogelijk naar de zin moet worden gemaakt. Ook voor huurders is het belang van passende huisvesting groot. De eisen en wensen van één gebruiker of een groep van gebruikers worden vastgelegd in een programma van eisen (PvE). Dit is een belangrijk document in het proces van de ontwikkeling van vastgoed. Er wordt aandacht besteed aan de vorm en inhoud van een PvE, de geschiktheid ervan voor verschillende ‘doelgroepen’ en de rol van de programmeur.
Voorts wordt beschreven hoe het kantoor huren Breda opstellen van een PvE in zijn werk gaat. Daarbij komen onder andere technieken aan bod voor het bepalen van de ruimtebehoefte en het bieden van speelruimte aan de ontwerper. Tenslotte wordt een overzicht gegeven van aspecten met betrekking tot arbeidsomstandigheden. Hierbij is een overzicht opgenomen van regelgeving die in de praktijk veel voorkomt en de praktische consequenties ervan. 4.2 Twee soorten gebruikers De vastgoedwereld wordt bevolkt door verschillende partijen met uiteenlopende belangen. In dit hoofdstuk staat de gebruiker van vastgoed centraal. Hiermee wordt bedoeld de partij die daadwerkelijk de geboden huisvesting consumeert. Deze partij is van groot belang. Het is per slot van rekening de ‘klant’, die goed moet worden bediend om nu en in de toekomst verzekerd te zijn van (huur)inkomsten.

COMMERCIEEL VASTGOED
Er kan onderscheid worden gemaakt in twee typen gebruikers:
• De eigenaar-gebruiker. Deze is zowel juridisch als economisch eigenaar. • De gebruiker die alleen economisch eigenaar (lease) of in het geheel geen eigenaar is (huur).
Dit onderscheid is van belang voor de mate waarin de gebruiker in staat is om specifieke eisen en wensen in de huisvesting te implementeren. Eigenaar-gebruiker
De eigenaar-gebruiker kan vanaf het begin van het planvormingsproces zijn invloed uitoefenen op het ontwerp. Eigenaar-gebruikers zijn veelal organisaties, die langere tijd gebruik wensen te maken van de beoogde huisvesting. De huisvesting wordt gezien als middel om de identiteit van de organisatie uit te drukken. Het kantoorruimte te huur in Almere anderhalve in zekere mate gewenst zijn om specifieke kenmerken in te brengen in het ontwerp. Dat de huisvesting hiermee een iets minder courant1 karakter krijgt, wordt veelal geaccepteerd. De gebruiker die huisvesting huurt, kan minder invloed uitoefenen op het ontwerp. Immers, de aanbieder (financier/belegger of projectontwikkelaar) heeft als primair belang het behalen van optimaal rendement op de gedane investering gedurende de gehele exploitatieperiode. Deze bedraagt veelal 25 tot 30 jaar. Om het risico van leegstand te minimaliseren, zal het ontwerp moeten voldoen aan de eisen van een zo groot mogelijk aantal (potentiële) gebruikers. Hierdoor wordt het ontwerp in essentie door de ‘grootste gemene deler’ bepaald. Een dergelijk ontwerp wordt ‘marktconform’ genoemd2.
Het onderscheid tussen eigenaar-gebruiker en huurder, zoals hiervoor beschreven, is evenwel aan verandering onderhevig. De huurder krijgt een wat grotere inbreng in het ontwerp, terwijl de eigenaar-gebruiker zich juist meer als anonieme huurder gedraagt. De volgende trends liggen hieraan ten grondslag:
• De aanbieder van vastgoed realiseert zich steeds meer dat de huurder optimaal moet worden ondersteund om het risico van leegstand te mini
1 Courantheid: de gangbaarheid ofwel verhandelbaarheid van een gebouw. Hierbij is de geschiktheid van het gebouw voor meerdere gebruikers in belangrijke mate bepalend. 2 Een marktconform ontwerp of gebouw is een gebouw dat aan de eisen van de grootste groep (potentiële) gebruikers voldoet. Marktconforme eisen zijn gebonden aan prijs, branche, regio en tijd.

DE GEBRUIKER
De primaire gerichtheid op het beheer van vastgoed en de beheersing van kosten, kwaliteit en ruimtegebruik wordt aangevuld met dienstverlening aan de klant. • De eigenaar-gebruiker van vastgoed ziet huisvesting steeds meer als ‘faciliteit’, als bedrijfsmiddel. Ook wanneer voor eigen rekening en risico wordt gebouwd, is de verhuurbaarheid of verkoopbaarheid aan derden (marktconformiteit) van belang. Daarbij komt dat de bedrijfsruimte te huur in Nijmegen eigen organisatie met steeds grotere regelmaat verandert, waardoor ook in eigen beheer ontwikkelde gebouwen steeds minder specifiek gemaakt worden. • De kosten van huisvesting staan (als onderdeel van de facilitaire kosten) steeds meer onder druk. Bij alle typen gebruikers groeit de behoefte aan transparantheid en vergelijkbaarheid van de kosten en kwaliteit van huisvesting. Dit werkt een zekere mate van eenvormigheid in de hand.

De vastgoedmarkt voor kantoren worden daarnaast sterk gedomineerd door de (overige) zakelijke dienstverlening.

Haaks op de ontwikkeling van winkelcentra in het algemeen en PDV’s/GDV’s in het bijzonder, staat de trend om wonen, werken, winkelen en recreëren weer te gaan combineren in één gebied zoals Bedrijfsruimte huren Breda. Hierdoor wordt de leefbaarheid van de gebieden vergroot en de mobiliteitsbehoefte beperkt.

Steeds grotere winkels domineren het straatbeeld op de dure toplocaties (megastores). Maar daarnaast is het opvallend dat ook kleine runshopwin­ kels in opkomst zijn (shop-in-shop: detailhandel bij tankstations en op NS­ stations).

Winkels gaan steeds meer deel uitmaken van een totaalpakket met amuse­ mentsvormen. Het is de winkeliers er veel aan gelegen om potentiële con­ sumenten zo lang mogelijk vast te houden. Dit wordt bereikt door de consumenten te entertainen met behulp van alternatieve vormen van vermaak en het bieden van faciliteiten zoals kinderopvang. Het bieden van deze faciliteiten vormt een bedreiging voor de omzet per m2 verkoop-vloeroppervlak.

kantoor huren Breda
kantoor huren Breda

De bedrijfsruimtemarkt

LOCATIES

Het gemeentelijke en rijksbeleid inzake locaties van bedrijfsmatige huis­ vesting wordt gedomineerd door concentratie. Daardoor zijn aan de randen van vrijwel iedere gemeente industriegebieden, bedrijfsterreinen of bedrij­ venparken ontstaan. Deze variëren van bonte verzamelingen bedrijfsge­bouwen zonder enige relatie tussen de vestigingen onderling tot gemeen­ schappelijk beheerde bedrijventerreinen in Kantoor huren Breda van uniforme (beeld)kwaliteit, naar Brits voorbeeld (zie parkmanagement).

Vanwege de grote vraag naar bedrijfsruimten en het gemak waarmee voor­ al lokale overheden het rijksbeleid hebben omzeild, is er tegenwoordig nauwelijks nog sprake van geconcentreerde en duidelijk afgebakende bedrijfslocaties nabij Vinex-knooppunten. De verbinding van separate bedrijventerreinen leidt in veel gevallen al tot corridorvorming: een lange aaneenschakeling van bedrijvigheid langs snelwegen.

De kantoorfunctie voor de bedrijven die op deze terreinen gevestigd zijn, neemt toe, zowel in omvang als in kwaliteit. Dit wordt veroorzaakt door een steeds grotere nadruk op uitstraling van bedrijven (het ‘visitekaartje’) en de komst van steeds meer kantoorhoudende organisaties in deze gebie­ den. Op recent ontwikkelde gemengde terreinen is de vraag naar kantoor­ ruimte zo groot dat met kantorenterreinen vergelijkbare huurprijzen kun­ nen worden gerealiseerd.

DE VASTGOEDMARKT

Veruit de belangrijkste locatiekwaliteit is tegenwoordig de bereikbaarheid. Vooral de afstand tot het afzetgebied speelt een doorslaggevende rol in de beoordeling van de terreinkwaliteit. Daarnaast is de infrastructuur óp een bedrijventerrein van belang voor de bruikbaarheid; zo zijn wendbaarheid en laad- en losmogelijkheden belangrijke criteria waarop bedrijven de kwaliteit van een terrein beoordelen. Vooral de zogenaamde ‘foot-loose’ bedrijven, die geen specifieke binding hebben met een bepaalde regio zoals kantoorruimte huren Almere verdwijnen uit de duurdere Randstedelijke gebieden naar locaties langs de snelwegen buiten de Randstad.

Locaties zijn schaars in Nederland en het vinden van passende bedrijfs­ vestiging is daardoor een complexe en dure aangelegenheid geworden. Bouwlocaties zijn steeds moeilijker te vinden en er wordt voorspeld dat de vraag naar ontwikkelingsruimte in het komende decennium het aanbod ver zal overtreffen. Er is al een specifiek tekort aan terreinen met uitgeefbare kavels met een grootte van meerdere hectaren. Vooral voor het aantrekken van grootschalige industrieën en distributiebedrijven zijn dit soort locaties noodzakelijk.

GEBOUWEN

De markt voor bedrijfsruimten wordt gedomineerd door eigenaar-gebrui­ kers. Bedrijfsruimten groter dan 2.000-2.500 m2 vloeroppervlak worden vooral door eigenaar-gebruikers gerealiseerd. De huurmarkt bestaat voor het grootste gedeelte uit relatief kleinschalige bedrijfsunits van 1 .000 tot 2.000 m2 verhuurbaar vloeroppervlak, met een maximale kantorencompo­ nent van 25%.

Gebouwen die door eigenaar-gebruikers worden gerealiseerd, wijken door­ gaans af van standaardgebouwen, omdat de eigenaar-gebruiker alle wensen in het ontwerp kan doorvoeren. Minder dan in het geval van een eigenaar­ belegger wordt rekening gehouden met de verhuurbaarheid of de verkoop­ mogelijkheden in de toekomst. Bij de nieuwbouw van bedrijfsruimten waaronder Bedrijfsruimte te huur in Almere is een grotere diversiteit waarneembaar dan in het verleden. Omdat ook bedrijfsruimten steeds meer op zichtlocaties worden gerealiseerd, is er meer aandacht voor de uitstraling en vormgeving.

Huurgebouwen worden vaak gecombineerd ontwikkeld. Dit betekent dat een projectontwikkelaar of verhuurder een locatie verwerft, waarop veel kleinere units worden gerealiseerd in plaats van enkele grotere panden. De verhuurder beperkt hierdoor zijn risico’s. Huurgebouwen zijn normaliter gestandaardiseerd en nemen de gemiddelde gebruiker als uitgangspunt. De standaardisatie heeft vooral betrekking op vloerbelasting en afdeklaag vloer, vrije hoogte van de bedrijfshal, verhouding tussen kantoor- en bedrijfsruimte, aantal laad- en losdeuren en afwerkingsniveau.