Tagarchief: kantoorruimte huren in Nijmegen

Een manager is niet bang voor verandering

Een manager is niet bang voor verandering

 

De manager die gericht is op het vergroten van de bedrijfsruimte te huur in enschede opbrengst weet dat hij de omgeving van het bedrijf voortdurend in de gaten moet houden. Zo blijft hij op het spoor van de behoeften van de Kantoor huren Breda markt. Veranderende behoeften uit de markt vragen om maatwerkoplossingen. De functie van de onderneming is gefocust op het ontwikkelen van nieuwe, waardevolle activiteiten en het afstoten van niet-renderende activiteiten. Wordt de ondernemingsfunctie door de manager slecht ingevuld, dan mislukken herstructureringen en stokt de groei via innovatie. Uiteindelijk zien we deze ondernemingen wegkwijnen via de weg van kostenverlaging, met als gevolg de demotivatie van medewerkers. Ook zien we vaak een vlucht naar voren in de vorm van fusies en overnames, en dure productievernieuwingen vanuit de organisatie die nauwelijks aanslaan bij de afnemers. Op dit moment staat de wereld van het management los van de echte wereld. Goed management is essentieel (zie ook hoofdstuk 2.5). In het streven naar beter zal de vastgoedorganisatie van de ene trede naar de kantoorruimte huren in almere stad andere trede bewegen op de ladder van het beleidsrepertoire (zie figuur 2-1 ). Aangekomen op de nieuwe trede krijgen de medewerkers van de kantoorruimte huren in Nijmegen vastgoedorganisatie een nieuw uitzicht op haar werkveld. Het bekijken van een bekend werkveld vanuit een ander standpunt levert nieuwe inzichten op met een bijbehorende beleidskeuze. Om de nieuwe beleidskeuze waar te kunnen maken zal de vastgoedorganisatie daarop gevormd moeten worden: richten en inrichten. In de fase hierna gaat het om volharding. Door gericht te sturen om de toegevoegde waarde van de organisatie te vergroten. Door te innoveren op basis van reflectie. Maar de kosten gaan voor de baat uit. De organisatie groeit in haar mogelijkheden door eerst in zichzelf te investeren. Medewerkers zullen een andere manier van kijken echter niet direct goed doorvoeren naar de klant. Een andere manier van werken betekent andere modellen en procedures die aan de hand van praktijkervaring moeten worden bijgesteld. Bijstelling van modellen en procedures – omdat het in de praktijk anders werkt dan vooraf bedacht – en de iteratieve verbetering van werkzaamheden leiden tot een aanvangsverlies. Men opereert nog niet effectief (de klant wordt niet direct goed geholpen) en inefficiënt, omdat handelingen soms opnieuw moeten worden uitgevoerd. In het begin resulteert dit in een terugval van de klanttevredenheid, die zo snel mogelijk moet worden gekeerd naar een klanttevredenheid die uiteindelijk hoger is dan bij aanvang van het verbeteringstraject. De omslag van interne naar externe focus is essentieel. Gebeurt dat laatste niet, dan dringt zich de vraag op of men wel op het juiste spoor zit. Blijft de klantwaardering achter, dan kunnen spanningen ontstaan tussen de front office en back office, inclusief het management. Er ligt dan een terugval op de loer, tenzij het management leiderschap toont (zie hoofdstuk 2.4). Een hogere klanttevredenheid is nodig om de opbrengsten – de winst – van het vastgoedbedrijf veilig te stellen voor de toekomst, dan wel op een hoger niveau te trekken

Leren van dure fouten bij SS Rotterdam

Leren van dure fouten bij SS Rotterdam


Daarentegen heeft Woonbron inschattingsfouten gemaakt. Tot twee keer toe overwoog de  bedrijfspand te huur in Enschede corporatie uit dit maatschappelijk relevante project, te stappen, maar telkens dienden zich “goede en economisch te verantwoorden redenen” aan om de Bedrijfsruimte huren Breda plannen door te zetten. In dit geval is de horizon telkens weer verruimd, ver buiten de eigen mogelijkheden. De tijd heeft nu al geleerd dat onder deze onderneming een goede business case had moeten liggen. (Bron: NRC Handelsblad, 1 december 2009)
Progress stopt met het eigen vastgoed
Progress stopt met het eigen vastgoed omdat “we een relatief kleine speler zijn geworden op deze markt. Vroeger waren we met een portefeuille van deze omvang een grote partij. Maar de kantoorpand huren Almere wereld is veranderd. Aantrekkelijke nieuwe
vastgoedbeleggingen gaan daardoor aan onze neus voorbij.” (Bron: Het Financieele Dagblad, 29 oktober 2008)
Progress laat zien dat de drang de horizon te verruimen ook kan worden weerstaan. In plaats daarvan durft de kantoorruimte huren in Nijmegen corporatie onder ogen te zien dat met de gewijzigde omstandigheden een nieuwe realiteit voor Progress is ontstaan. En er voor de toekomst keuzes moesten worden gemaak

Kenmerken.

Kenmerken.

Kenmerkend is de huren bedrijfsruimte Breda lange periode dat het vastgoed in exploitatie wordt gehouden. Het zal duidelijk zijn dat wanneer een vastgoedobject eerder dan gepland moet worden aangepast dan wel gesloopt, de bedrijfsruimte huren in Enschede verliezen aanzienlijk zullen zijn. Het is dan ook de kunst het vastgoed zo lang mogelijk te exploiteren. Het kantoorruimte te huur almere stad is daarom noodzakelijk zorgvuldig met het vastgoed om te gaan en tijdig in te spelen op signalen waaruit blijkt dat vraag en aanbod niet meer op elkaar aansluiten, dan wel dat een vastgoedobject te vroeg in de verzadigingsfase terechtkomt.
Het is directeur C. Huijts van de vereniging Hendrick de Keyser een klein wonder dat het woonhuis ‘t Seepaert (midden) er na vijfltonderd jaar nog zo bij staat. De kap van het huis is van voor naar achter authentiek. Net als de natuurstenen voorgevel en de facetge- schuurde spiltrap. Zo compleet tref je een woonhuis zelden aan. Gewoonlijk wordt een huis door elke generatie grondig gerenoveerd. Woonhuis ’t Seepaert is in 1495 gebouwd en recent aangekocht door de vereniging. De vereniging koopt en restaureert architectonisch en historisch waardevolle panden in Nederland. (Bron: NRC Handelsblad, 10 juni 1997)
Tot slot merken we op dat de S-curve zich in vele gedaanten kan voordoen. In de kantoorruimte huren in Nijmegen praktijk verloopt de curve over het algemeen vlakker. In de meeste gevallen zijn de relatief rustige introductiefase, de onstuimige groeifase en de verzadigingsfase duidelijk herkenbaar. Figuur 1-6 toont twee voorbeelden van S-curven.

Planontwikkeling wordt uitgevoerd door de initiatiefnemer

Planontwikkeling

Planontwikkeling wordt uitgevoerd door de initiatiefnemer. Voor de meer omvangrijke projecten, die uit meerdere individuele objecten kunnen bestaan, zal vaak ook de gemeente bij de planontwikkeling betrokken zijn.  De rol van de gemeente kan hierbij variëren van voorwaarde stellend door middel van een bestemmingsplan of stedenbouwkundig plan tot mede-ont- wikkelaar in een publiek-private samenwerking. In de fase van planontwikkeling kunnen de volgende vier onderling samenhangende deelplannen worden onderscheiden:

• De markttechnische planontwikkeling
• De juridische planontwikkeling
• De financiële planontwikkeling
• De bouwkundige planontwikkeling

Bedrijfs ruimte huren Breda

Deze deelplannen kunnen niet los van elkaar worden gezien en worden zeker niet volgtijdelijk uitgewerkt worden zoals  Bedrijfsruimte huren Breda. Ook kan de planontwikkeling niet los worden gezien van andere fasen van het ontwikkelingsproces zoals het ontwerpen en aanbesteden. Er is sprake van een parallel en interactief proces waarbij de verschillende (deel)plannen continu worden verfijnd en op elkaar worden afgestemd. Bij de planontwikkeling kunnen, naast de initiatiefnemer, andere marktpartijen betrokken zijn. Marktonderzoek kan bijvoorbeeld worden uitbesteed aan gespecialiseerde bureaus. Bij de markttechnische planontwikkeling kunnen makelaars betrokken zijn vanwege hun algemene en lokaal specifieke marktkennis. Zeker voor wat betreft de meer complexe plannen zal de juridische planstructuur de inzet van gespecialiseerde vastgoedjuris- ten en fiscalisten vergen.

COMMERCIEEL VASTGOED
Projectontwikkelaar
De ‘projectontwikkelaar’ brengt grond, geld en gebruikers bijeen, realiseert het bouwwerk en draagt dit na ingebruikname over aan de klant. De projectontwikkelaar kan bijvoorbeeld  een bedrijfsruimte te huur in Almere . bouwondernemer zijn vaak (een risicodragende bouwer) of een onafhankelijk bedrijf dat zich juist toelegt op het ontwikkelen van gebruiksconcepten en de feitelijke bouw aan derden uitbesteedt. Ook komen projectontwikkelingsmaatschappijen voor, die gelieerd zijn aan financiële instellingen. Een projectontwikkelaar die deel uitmaakt van een bouwconcern kan als secundaire doelstelling hebben: het door middel van projectontwikkeling vergroten van de bouwproductie. Vrijwel alle grote bouwondernemingen in Nederland hebben een dergelijke ‘ontwikkelingspoot’ die de afgelopen jaren substantieel heeft bijgedragen aan de netto winst. Een projectontwikkelaar, die gelieerd is aan een financiële instelling zal als secundaire doelstelling hebben het doen toenemen van de financieringsactiviteiten en -omzet. Voor een projectontwikkelaar met binding aan een institutionele belegger kan (onder meer) het ontwikkelen van vastgoedobjecten voor de eigen portefeuille doelstelling zijn. De ‘bloedgroep’ van de projectontwikkelaar en de daarmee samenhangende secundaire doelstellingen zijn derhalve van invloed op het product : kantoor huren in Enschede  dat kan worden aangeboden en op het imago van de onderneming.
De klant van een projectontwikkelaar kan een institutionele belegger zijn, maar ook een particulier. De projectontwikkelaar verwerft bouwlocaties, coördineert de planontwikkeling en leidt de realisatie. De projectontwikkelaar heeft primair belang bij de verkoop van het project, en is veelal niet geïnteresseerd in commercieel, technisch en administratief beheer. Een belangrijk bestaansrecht van projectontwikkelaars is de overheveling van tijd, geld, risico en deskundig opdrachtgeverschap van de (institutionele) opdrachtgever of de te huisvesten organisatie naar derden. Belangrijke risico’s die de projectontwikkelaar loopt zijn als volgt.

 

Marktrisico

Marktrisico ’s hebben betrekking op de financiële gevolgen van wijzigende marktomstandigheden tijdens het vaak langdurige ontwikkelingsproces. De belangrijkste marktrisico’s zijn het verhuurrisico en het afzetrisico. Verhuurrisico is het risico dat een kantoor niet, of tegen een lagere prijs verhuurd kan worden. Het afzetrisico betreft het risico dat een kantoorgebouw niet, of voor een tegenvallende prijs verkocht kan worden. Vanzelfsprekend zijn beide nauw met elkaar verbonden.

Prijsrisico

Prijsrisico is het risico dat de investeringskosten hoger uitvallen dan oorspronkelijk begroot. De belangrijkste risico ’s in dit verband liggen bij verwervingskosten voor de grond, de kosten van een kantoorruimte huren in Nijmegen  en eventueel noodzakelijke grondsanering, de bouwkosten en de rentekosten. •

 

Ontwikkelingsrisico

Met ontwikkelingsrisico wordt bedoeld dat het ontwikkelingsproces niet kan worden afgemaakt of pas na een forse onvoorziene vertraging. De oorzaak hiervan ligt buiten de ontwikkelaar. Zo kan bijvoorbeeld een bestemmingsplan niet worden gewijzigd of een bouwvergunning niet worden verleend. Bij grote vertragingen kunnen vooral de rentelasten zeer sterk toenemen. De meeste grote Nederlandse projectontwikkelaars zijn aangesloten bij de Vereniging van Nederlandse Projectontwikkeling Maatschappijen (NEPROM).